Ruzie maken hoort erbij. Relaties zonder conflicten bestaan niet. Als de balans in een relatie tussen negatief en positief contact overslaat naar het negatieve dan kan dit het leven erg zwaar maken. Het is vooral van belang dat conflicten worden opgelost (Winnicott, 1952) of dat stellen tot een compromis komen.

Als er sprake is van veel negativiteit in de relatie is het van belang om te kijken waar men nu echt tegenaan loopt. Het is van belang dat de manier van ruzie maken duidelijke grenzen nodig heeft. Maak daar afspraken over. Mogelijke grenzen kunnen zijn: zijn er bepaalde dingen die je niet tegen elkaar zegt; niet ruzie maken waar de baby bij is; nooit lichamelijk geweld gebruiken; niet schelden; als één van de partners of beide partners boos blijven, kunnen ze een time out nemen.

Jonge ouders maken 8 keer zoveel ruzie als stellen zonder kinderen. Ouders maken vaak ruzie uit zorg voor het kind. De ene ouder heeft een andere aanpak dan de andere. Om de ‘harde’ (of ‘zachte’) aanpak van de andere ouder te corrigeren, wordt het kind verwend of hard aangepakt. De ene ouder vindt het goed om het kind even te laten huilen en de ander beschermt het kind en haalt het meteen uit bed. Eén ouder trekt zich terug en gaat meer werken, of is heel actief naast het werk. Dit kan een poging zijn om het huwelijk te redden. Als kinderen ouder worden, kan één van de ouders de steun van een kind accepteren ten koste van de andere ouder. Of beide ouders zoeken steun bij één kind en een kind moet partij kiezen. Of één van de ouders gaat weg (van der Pas, A., 1999).

Volgens psycholoog Sue Johnson volgen relaties geen eenvoudig patroon van oorzaak en gevolg. Een uitspraak als ‘Omdat Kees niets doet, hebben we altijd ruzie’, klopt dus niet. Partners creëren samen cirkels. Vicieuze cirkels. Ze slepen elkaar daar in mee. Dit kan een spiraal zijn van negatief contact of van verbinding (Johnson, S., 2009).

Het is van belang dat je samen spreekt over de behoefte die onder de strijd ligt. Als je zorgt dat beide behoeften bevredigd worden dan is de strijd niet noodzakelijk. Het zijn de niet goed op elkaar afgestelde behoeften die ervoor zorgen dat partners vast blijven zitten in de cirkel. In die zin hebben ze allebei gelijk, omdat ze niet krijgen wat ze nodig hebben. Als stellen een goede middenweg vinden, een goede dosering doorvoeren, kunnen ze uit de cirkel stappen (Vansteenwegen, 2007). Komen ze er samen niet uit, is het niet erg om in therapie te gaan.